Een toeristische gemeente

Groen

Goed uitgebouwd fietsroutenetwerk, een echt fietsparadijs. Al fietsend door Heusden-Zolder ontdekt men dat het ook nog een groene gemeente is. Heusden-Zolder heeft binnen zijn grondgebied enkele uitgestrekte adellijke domeinen weten te bewaren. Denk maar aan de kasteeldomeinen Vogelsanck, Meylandt, Terlaemen, Obbeek en het park van het Domherenhuis in Zolder-Centrum. Zij vormen samen met het vijvergebied Midden-Limburg een uniek groen kader. Een groot deel van deze domeinen is voor het publiek opengesteld. Bij de dienst toerisme vindt men de wandelplannen.

Toeristisch

Toerisme is in Heusden-Zolder geen vreemd woord. Vergeet niet dat het Limburgs toerisme na de oorlog 40-45 in Bolderberg van start ging. Vooraleer men elders in onze provincie het woord toerisme kende, was er aan Hostellerie De Kluis in Bolderberg al de eerste speeltuin van Limburg. De traditie wordt verder gezet in vele andere hotels in initiatieven. Het domein Bovy is een 34 ha groot park voor zachte recreatie. Het weekendtoerisme kent een gestadige groei. De tijd dat men enkel naar de Ardennen kon voor een gastronomisch weekend behoort tot het verleden!

Op het Circuit Zolder worden tal van internationale races georganiseerd. Naast het geluid van motoren leent het circuit zich echter ook voor andere evenementen en zijn fietsers er meer dan welkom. De omloop is elke dag na 18.15 uur voor fietsers en skaters vrij toegankelijk (verlichting op dinsdag, woensdag en donderdag tot 21.30 uur). Sinds 2008 herbergt het circuit trouwens een Vlaamse wielerschool en een BMX-parcours. 

Gastronomisch

Tegelijkertijd kan men ook op culinair vlak genieten. Onbezorgd Bourgondisch genieten kan in Heusden-Zolder. Niet zonder reden wordt Heusden-Zolder het gastronomisch mekka van Limburg genoemd. We hebben schitterende hotels en uitgelezen restaurants die hun klanten koninklijk verwennen. Een ritje met een oldtimer of in een antieke jachtkoets gaat vaak een heerlijk avonddiner vooraf. In samenwerking met de dienst toerisme hebben de hotels diverse weekend- en midweekarrangementen uitgewerkt. De dienst toerisme heeft hierover een speciale folder.  

Specialiteiten

  • Vogelsanckschelpjes:
    De Vogelsanckschelpjes uit Heusden-Zolder werden voor het eerst gebakken in 1988 n.a.v. de viering “800 jaar Heerlijkheid Vogelsanck”. Het domein Vogelsanck wordt sinds 1741 bewoond door baron de Villenfagne de Vogelsanck. Zijn familiewapen stelt op een zilver veld, een zwarte band voor, beladen met drie gouden Sint-Jacobsschelpen. Dit wapen werd geïntegreerd in het officieel fusiewapen van Heusden-Zolder dat op 3 december 1984 werd goedgekeurd. Het Vogelsanckschelpje is een koekje van zanddeeg in de vorm van een kleine Sint-Jacobsschelp, gedoreerd met eigeel en gevuld met zwarte pruimenspijs.
  • Boterjaan:
    De Boterjaan is een fris en fruitig aperitief op basis van passievrucht, herinnert aan Jan Frederix, “Boter Jan” genaamd, die anno 1860 in Heusden boter verkocht. Hij was een echt dorpsfiguur, zeker toen hij na enige tijd de verkoop van boter verving door de verkoop van bier. Hij leerde het Heusdense volk drinken ! De Boterjaan is 17 % vol. en wordt verkocht in flessen van 70 cl.
  • ’t Koolputterke
    Het Koolputterke is een jonge graanjenever 35 ° die gebotteld wordt in een stenenkruikje van 50 cl.
  • De Gagelborrel
    De Gagelborrel is een zoete likeur van 28 ° op basis van extracten van de Gagelstruik en heide. Hij wordt verkocht in een fles van 50 cl. De Gagelstruik is een beschermde struik die nog veel voorkomt in het Vogelsanckbos. De takjes van de struik geven een sterke geur af die motten en nachtvlinders verjaagt. Een takje van deze struik tussen het linnen houdt het motvrij. In de volksmond wordt de Gagelstruik daarom ook “mottenkruid” genoemd.
  • Zwarte putkababbels
    Deze kababbels verwijzen naar de mijnwerkers die destijds in de ondergrond hun brood verdienden. De laatste mijn van de Benelux sloot haar deuren in Heusden-Zolder op 12 oktober 1992. Om geen droge mond te krijgen kenden de mijnwerkers twee mogelijkheden : kauwen van tabak (chikken) of het opzuigen van putkababbels. De putkababbels bevatten suiker, glucosesiroop en natuurlijke aroma’s met een dominante smaak van anijs. Op het snoepje staan twee puthamers afgebeeld. Ze worden door de dienst toerisme te koop aangeboden in een potje met een mijnwerkerszakdoek.
  • Puttersbrood
    Destijds namen de mijnwerkers, ook “putters” genoemd, hun boterhammen mee naar de ondergrond. Omwille van het zware werk namen zij krachtig voedsel mee dat bij voorkeur “sappig” bleef en niet uitdroogde door de warmte die er in de schachten heerste. Vandaar dat de putters tussen hun boterhammen spek en eieren meenamen. Opdat deze niet zouden uitdrogen werden ze vaak verpakt in “boterpapier”. Uit deze traditie ontstond het puttersbrood. Het is een koek die samengesteld is uit spek, eieren en grof voltarwebrood.

Mijnverleden

 

De exploitatie van steenkool in de mijn van Zolder (1923-1992) liet zijn sporen na in Heusden-Zolder. Op de mijnsite zijn enkele belangrijke gebouwen gerestaureerd en herbestemd. Drie bewegwijzerde wandelingen laten je kennismaken met de sporen van het mijnverleden zowel op het gebied van natuur en architectuur als op het gebied van het multiculturele handelskarakter van de gemeente. Een klim naar de mijnterril wordt beloond met een prachtig uitzicht over de streek. De markt op de voormalige mijnsite, elke tweede en vierde woensdagnamiddig van de maand, heeft met haar veelvoud aan allochtone standhouders een gezellige mediterrane sfeer gekregen.

Praktisch

Afdeling vrije tijd

Heldenplein 1
3550 Heusden-Zolder


tel. 011 80 80 85
fax 011 80 80 79
e-mail
Openingstijden

Meer info